Trimploeg naar Willemstad

Bevrijdingsdag 2019.
De weersverwachtingen beloven niet al te veel goeds, maar achter in de tuin voelt het op zich nog niet verkeerd; geen winterhandschoenen. Op weg naar het oude gemeentehuis toch een beetje spijt van de handschoenen. Een stevige windkracht 3 a 4 en dreigende regen. In Wagenberg regende het zelfs al een beetje.
Voor de sportploeg zijn er ong. 2 a 3 renners dus net te weinig mensen. Dat wordt dus een combi van Sport/Tour naar Strijen. Voor de trimploeg gaan er 11 kleppers, waaronder Melissa, voor de 2e keer bij de trimmers, onder leiding van Piet op weg naar Willemstad. Voordat we wegrijden, geeft Wim echter nog even aan dat we een trimploeg zijn en dus niet perse met 28,5 plus thuis hoeven te komen.
Bij de watertoren gaan we rechtsaf de polder in. Tenminste, tot we linksaf de Helkantsedijk op kunnen. Dat rijdt toch iets minder saai dan de open polderwegen. We rijden door Hooge-Zwaluwe en ter hoogte van de voormalige kerk (nu Restaurant Onze Kerk) steekt een zwarte kat vlak voor ons de weg over. Een bijgelovig iemand zou nu zomaar eens flink op zijn hoede kunnen zijn. Als het maar geen voorbode is voor de komende rit.
Vlak voordat we Hooge Zwaluwe uitrijden, worden we door lichtsignalen gewaarschuwd dat het fietspad naar Lage Zwaluwe een stukje verderop ligt en dat het duidelijk niet de bedoeling is dat er fietsers op de Horenhilsedijk gaan rijden. In Lage Zwaluwe volgen we het fietspad over de Dirk de Botsdijk richting de A16. Daar aangekomen ruikt het naar vers asfalt. De A16 is verder dan ook uitgestorven in verband met de werkzaamheden.
Parallel aan de A17 rijden we naar industrieterrein Moerdijk; ik zou zo kunnen gaan werken. Dwars over het industrieterrein rijden we via Klundert naar Noordschans. Er wordt weer gewisseld aan de kop en met een forse tegenwind rijden we over de dijk naar Willemstad.
Na Willemstad zou het dan eindelijk allemaal wat voor de wind moeten gaan.
Natuurlijk hebben we nu stukken wind mee en o.a. tijd voor een banaantje, maar soms ook een fikse wind van opzij. In een brede waaier passeren we Fijnaart en Standdaarbuiten.
Als we langs de Mark rijden, klinkt er ineens een luide “Lek!!”. Peter Kuipers heeft een lekke band. Dit probleem is echter snel opgelost en we kunnen weer verder.
Als we linksaf het bruggetje bij jachthaventje “t Lamgat” weer richting Zevenbergen draaien, weet ik weer precies waar we ergens zijn. “Zwartenberg of Zevenbergen?” wordt er vanuit de kop geroepen. “” Zevenbergen!”, roept Piet terug. Over het industrieterreintje van Zevenbergen komen we weer bij de N285 richting de May. Nog even de pukkel over de A16 nemen en dan is het voor mij bijna thuis. Bij de rotonde van Wagenberg sla ik het dorp in en groet de overige renners.
Tot volgende week mannen en dames. Met z’n tienen vervolgen zij hun weg naar de May.
Enne; voor wat betreft de zwarte kat; een lekke band hoort er altijd wel bij, dus die telt niet. Wat mij betreft, …mythe ontkracht!

Rene van Mook

Geef een reactie