Kempenroute van Thijs

Vandaag had Thijs de leiding en had een rondje naar het zuid-oosten bedacht. Qua wind niet ideaal want die was gedurende de nacht van oosten naar west gedraaid. Dit is iets koeler , want wind van zee. Maar komt ook met hogere luchtvochtigheid en dus zie ik op mijn weerapp dat de gevoelstemperatuur vier graden hoger is dan de thermometer-temperatuur. We hebben een klein groepje. Vijf WTC-ers en als gastrenner Jordi van Loon. Raar, gisteren heette hij nog de Jong ;-). Die kun je er goed bij hebben want rijdt sterk en strak. We zetten koers naar het zuiden en zitten al snel in Alphen. Daar moet Thijs even puzzelen want de wegopbreking staat niet in zijn Garmin en telefoon die ook nog geraadpleegd wordt. Niet goed voor het gemiddelde, dus als we weer op route zijn richting Baarle Nassau en Poppel, geven we flink gas. Mijn benen zijn toch wel wat moe van gisteren maar met de wind schuin van achteren gaat het nog goed.
In Poppel gaan we rechtsaf bij ‘t Kaske. Één van de twee bezienswaardigheden in het dorp. Ik betwijfel of de rest van de groep dit mooie gebouw ook gezien heeft. Ik moet tenminste flink aanzetten na de bocht om weer bij te komen. Dat komt meer voor, vooral als Thijs op kop rijdt. Dat mountainbiken is goed voor bochtentechniek denk ik. Was me vorige week bij de tijdrit ook al pijnlijk duidelijk geworden. Elke bocht een gat van 50 meter dichtrijden maakte het toch pittig.
Frans en ik zitten te overleggen of we wel eens meer over deze weg rijden. Ik denk van wel, als we terug komen van de klassieke tocht naar de Bockenrijder. Maar volgens mij heb ik hem ook wel eens zo gereden en wel bij onze Kempentocht die ik een jaar of 15 geleden een paar keer gereden heb.
We komen in Lage Mierde en dan naar Netersel. Dan via Westelbeers naar Diessen bij Hilvarenbeek. Via Moergestel gaat het naar Oisterwijk. Dat deed ik toen ook zo want je moet om Tilburg heen. De wind staat ondertussen niet meer zo lekker. Hij lijkt een beetje noordwest. Ik kom even op het kantje te zitten na een kopbeurt. Dat is wel erg pittig.
Ik vraag Thijs en Jordi om iets rustiger te rijden anders ben ik toch bang dat de geplande 120 kilometer te ver gaat worden. Via Udenhout gaan we nu richting Loon op Zand.
Ik zie dat Frans alleen een klein RVSA bidon bij zich heeft , terwijl ik al anderhalve grote bidon leeg heb. “Moet je niet bij vullen onderhand Frans?” “Nee hoor, hij zit nog half vol”. Nou dat is volgens mij niet goed, dan wordt je bloed veel te dik en moet je hart te hard pompen. Maar hij lijkt er geen last van te hebben. Hij rijdt prima. Toch gaan we in Loon op Zand opeens in de remmen. Iemand heeft zin om even wat te drinken. Geen slecht idee. Een lekkere bak koffie neem ik. Anderen gaan vooral aan de frisdrank. Ik eet de tweede helft van mijn müeslireep op. Moet genoeg zijn voor de laatste 30 kilometer.
Zoals meestal na een stop, sputteren mijn benen flink tegen. Die dachten dat ze er al waren, niet gek na 90 kilometer , maar de machine moet dus weer even opstarten.
We rijden naar Sprang-Capelle en gaan daar een fietspad op. Het “halve zolenlijntje”.
Sorry Thijs, maar dat vind ik zo’n gevaarlijk weggetje met al die onoverzichtelijke kruispunten, paaltjes en bejaarden. Maar we zijn wel zo in Waspik en Raamsdonk.
In Geertruidenberg slaat John af. Genoeg getraind, vindt hij. Johan van Helmond heeft nog over. Hij rijdt vanaf daar tot in Made op kop. Ik vind het prima, ik zit fijn in zijn wiel.
Weer een mooi tochtje aan mijn jaartotaal toegevoegd. Leuk om de Kempentocht van vroeger te zien herleven via Thijs.

Ad

Geef een reactie